<  o  >
Wetboek van Strafvordering

Titel IIIA. De benadeelde partij

Artikel 51c

Zij die om in een burgerlijk geding in rechte te verschijnen, bijstand behoeven of vertegenwoordigd moeten worden, hebben om zich overeenkomstig art. 51b te voegen, in het strafproces de bijstand of vertegenwoordiging eveneens nodig. Een machtiging van de kantonrechter, als bedoeld in artikel 349, lid 1, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek , is voor die vertegenwoordiger niet vereist. Ten aanzien van de verdachte zijn de bepalingen betreffende bijstand of vertegenwoordiging, nodig in burgerlijke zaken, niet van toepassing.


::



Link naar website: http://wetboek.net/Sv/51c.html
Link naar mobiele site: http://wetboek.mobi/Sv/51c.html


Valid XHTML 1.0 Transitional
::








.