
Wet op de lijkbezorging
Hoofdstuk II. Algemene voorschriften voor de lijkbezorging
Artikel 7
- 1
- Hij die schouwing heeft verricht geeft een verklaring van overlijden af, indien hij ervan overtuigd is dat de dood is ingetreden ten gevolge van een natuurlijke oorzaak.
- 2
- Indien het overlijden het gevolg was van de toepassing van levensbeëindiging op verzoek of hulp bij zelfdoding als bedoeld in artikel 293, tweede , onderscheidenlijk artikel 294, tweede lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafrecht , geeft de behandelende arts geen verklaring van overlijden af en doet hij van de oorzaak van dit overlijden onverwijld door invulling van een formulier mededeling aan de gemeentelijke lijkschouwer of een van de gemeentelijke lijkschouwers. Bij de mededeling voegt de arts een beredeneerd verslag inzake de inachtneming van de zorgvuldigheidseisen, bedoeld in artikel 2 van de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding .
- 3
- Indien de behandelende arts in andere gevallen dan die bedoeld in het tweede lid meent niet tot afgifte van een verklaring van overlijden te kunnen overgaan, doet hij hiervan onverwijld door invulling van een formulier mededeling aan de gemeentelijke lijkschouwer of een van de gemeentelijke lijkschouwers.
::
Link naar website: http://wetboek.net/Wlijk/7.html
Link naar mobiele site: http://wetboek.mobi/Wlijk/7.html
::
